maandag 11 februari 2013

Een doos om te bewaren

“Mijn hele leven op een A4tje”  zegt hij. Er klinkt een lach en een traan in zijn woorden. Stiekem observeer ik hem vanonder mijn wimpers maar ik kan niet opmaken wat er door zijn hoofd gaat. “Eén A4tje” herhaal ik, en vraag me even af of mijn leven past op één A4tje.  “Ik heb wel stiekem de marges een beetje aangepast hoor” zegt hij dan. “Is dat goed of fout?” vraag ik. Even staart hij voor zich uit. “Ik heb werkelijk geen idee” zegt hij dan.

Voor zijn gesprek met de psycholoog moest hij zijn verleden op papier zetten. Niet in een verhaal maar gewoon de feiten op een rijtje. Hij had hulp gezocht. Het leven viel even niet mee. Ik begrijp het wel en herken het ook wel. Ook hij heeft kinderen en een eigen bedrijf. Je ziekmelden als het niet gaat, zit er niet in. Geen werk is geen geld. Geen geld is geen brood op de plank en kinderen kosten nou eenmaal geld. Zo is het en niet anders. Ondertussen lijkt hij de draad weer opgepakt te hebben. Maar ik ken hem beter. En hij zichzelf ook. Dus besloot hij er nu maar eens wat aan te doen en eens dieper te gaan graven. In elk geval het gevoel te hebben dat je eens een grote schoonmaak kunt houden en de boel een beetje inzichtelijk voor je zelf kunt maken. Soort van voorjaarsopruiming. Het defragmenteren van je harde schijf. Het opruimen van de kasten. En alles wat je niet meer past of niet meer gebruikt nu eens echt weg doen in plaats van in een doos op zolder zetten.
Mijn rugzak zit niet zo vol. Maar de dozen op de zolder wel. Het is net zo iets als met de dozen die na mijn verhuizing nog niet uitgepakt zijn. Ze staan uit het zicht achter een deur maar toch blijven ze wel in mijn hoofd. Ik heb ze weggezet en probeer zo mezelf voor de gek te houden. Maar het stemmetje in mijn hoofd lacht hard met een schril geluid “hou lekker je zelf voor de gek, ze staan er en dat weet jij ook.” En dus zijn ze niet echt weg uit mijn gedachte. Het zelfde is het met de nog niet helemaal verwerkte herinneren.
Ik heb bewondering voor hem. Hij gaat ze nu opruimen. Echt opruimen. Echt verwerken en ze een plekje geven waar ze goed staan en niet meer achter de deur. De deur die toch steeds weer open en dicht gaat waardoor je er steeds weer mee geconfronteerd word. Ik kijk naar hem terwijl ik onze koppen nog een keer vol met koffie schenk. Je hele leven op een A4tje. Ik begrijp zijn toon, zijn lach en zijn traan. De zelfspot die hem al die jaren overal doorheen geholpen heeft. De tranen die nog niet allemaal vergoten zijn. Het verdriet dat er nog achter schuilt en tegelijk het besef dat het hem heeft gemaakt tot wie hij nu is. Een mooi mens vol ervaring en met twee benen op de grond. Ik hoop zo dat de gesprekken hem brengen wat hij er van hoopt.
Dan besluit ik, morgen maak ik een A4tje en ga ik kijken en voelen waar nog onverwerkte pijn ligt. Ik ga de rugzak omkiepen, de dozen vol erbij gooien. Alles wat ik echt niet meer wil gooi ik weg, net zoals de rugzak want ik hou niet van die jeuk term. In plaats daarvan koop ik een mooie tas.  Dan selecteer ik wat er in de tas mag, selecteer ik wat ik elke dag bij me wil dragen. De rest van de herinneringen vouw ik netjes op in de doos om die op een vaste plaats op zolder te zetten. Daar waar de doos rustig kan blijven staan. Gewoon als doos om te bewaren.