maandag 3 september 2012

De grens

“Het veranderd nooit” had ze gezegd. Maar zij wilde het zo graag geloven. De vrouw had gelijk gehad. Zo verdomd gelijk. Maar ze kon en wilde het toen niet aan. Het overkomt nooit jou, altijd een ander. Je leest er over maar het overkomt jou natuurlijk nooit.
Daar zaten ze dan, bij de psychologe van de organisatie waar ze terecht was gekomen nadat ze op de site van huislijk geweld had gekeken. Het moest stoppen vond ze en dus had ze een berichtje achter gelaten. En nu zaten ze daar. Zij had al een telefoongesprek met de vrouw gehad. Wonder boven wonder had hij toegestemd om mee te gaan. Ze keek naar de vrouw. Deze vrouw kon hij niet met mooie praatjes om te tuin leiden. Even had ze hoop. Maar thuisgekomen had hij gezegd dat het onzin was en niet meer mee ging. Ze konden beter met die andere therapeut praten. ”Tja”, had ze gedacht, “die kun je zand in de ogen strooien. “ Een paar dagen later had zij de vrouw gebeld. “Ik begrijp het” had die gezegd,“ maar onthoudt heel goed, het veranderd nooit”. En oh wat had ze gelijk gekregen.
Het was niet eens heel erg. Misschien zat daar wel het venijn, dacht ze later. Dat het niet zo erg was als je soms las. En daarmee schermde hij ook altijd. Ze wist niet eens meer hoe het was begonnen. Maar dat was ook precies wat ze op de site gelezen had. Maar al vrij snel in hun relatie was hij boos geworden. Niet zomaar boos. Hij had haar een hard duw gegeven en zij was tegen de verwarming beland. Toen ze overeind krabbelde duwde hij haar nog net even iets harder nog een keer. Zij was vertrokken. Dit liet ze zich niet gebeuren. Niet eens de blauwe plekken deed zo zeer als wel het vertrouwen dat geknapt was. Uiteraard had hij spijt. Het niet zo bedoeld en beloofde hij het nooit meer te doen. En bovendien….. zij was er toch ook schuld aan. Zij had ook ruzie met hem gemaakt en zij had geschreeuwd. Dat zou ze nog vaak horen, dat dat minimaal net zo erg was.
Het was een tijd goed gegaan. Maar het kwam terug. En met elke keer verlegde zij haar grenzen. En nooit was het zo erg als waar je over las. Daarbij bleef hij zeggen dat hij haar niet sloeg. Nee zo slim was hij wel. Slaan deed hij niet, maar voor haar viel iemand zo hard tegen de muur duwen dat het je duizelde toch niet onder lief met elkaar omgaan. Tot die ene keer dat ze dagen met make-up op gelopen had. Net daarvoor had ze haar arm gebroken. En nog steeds denkt ze dat de buren gezien hebben dat hij haar sloeg. Toen ze de buurman de volgende dag zag, durfde ze hem amper aan te kijken. Een vriendin had haar ernstig aangekeken en gevraagd hoe ze aan die blauwe plekken kwam. Ze had ze maar bij haar val met de arm geplakt. En op dat moment had haar vriendin er genoegen mee genomen.
Het ergste was dat ze zich zo schaamde. Je leest het in elk verhaal, en precies dat maakt dat je het verzwijgt. En altijd weer lijkt het niet erg genoeg. Het is niet structureel en ja misschien was het wel haar schuld. Want in een ruzie ging ze inderdaad schreeuwen. Later begrijpt ze dat ze dat deed om alarm te slaan zodat hij zou stoppen, maar niets is minder waar. Want niets hielp. En altijd liep ze weg. Daardoor moest hij dus wel achter haar aanlopen, was zijn kant van het verhaal.
Nu begrijpt ze hoe ze al die tijd in angst geleefd heeft. Altijd alert waar haar tas was en vooral waar haar telefoon en sleutels. De auto zo geparkeerd dat ze altijd weg zou kunnen. Bij elke ruzie direct nadenkend waar haar spullen waren en door welke deur ze weg kon. Haar kinderen heeft hij zover ze weet nooit aangeraakt. En dat is maar goed ook. Want die grens zou ze nooit accepteren. Dan maak ik je helemaal kapot, had ze zich zelf beloofd. Want zij is een moederkloek zoals iemand haar langgeleden ooit gekscherend noemde. Gelukkig had hij dat dus blijkbaar begrepen. Of hij had nooit van ze gehouden, want hij deed het alleen uit onmacht bij de mensen van wie hij hield, zei hij eens. Het maakte haar niet eens uit. Als hij ze maar met rust liet.
De angst heeft veel met haar gedaan. Ze wist al lang dat de relatie niet zou duren. Maar jaren hoopte ze tegen beter weten in dat het zou stoppen. Dat het beter zou gaan. Want het was toch niet zo erg hield ze zich zelf voor. De knop ging om bij een ruzie waarna hij haar in het gezicht spuugde. Niet één maar vier keer. Het was klaar. De vernedering was genoeg geweest. Haar grens was bereikt.
Nog altijd schaamt ze zich voor haar verhaal. Dat ze het mij heeft verteld is een hele stap. Dat ze er mee instemt om het nu na al die jaren op te schrijven, is weer een stapje verder. Nog altijd denkt ze dat het wel mee valt, want de andere verhalen die je leest……. Inmiddels heeft ze haar leven terug, zijn haar kinderen de deur uit en hebben ze er gelukkig niets aan over gehouden. Ze heeft eindelijk haar vertrouwen weer op de rit. Maar nog altijd niet bij hem. Heel soms komt ze hem nog tegen op straat en dan weet ze, echt vertrouwen zal ze hem nooit.