maandag 20 mei 2013

Tulpen en Rozen

Hij haalde ze altijd door elkaar, tulpen en rozen. Tegen tulpen zei hij rozen en andersom. Nog altijd als ik tulpen zie, moet ik daaraan denken. Denken aan hem, mijn vader. Misschien ben ik daarom gaandeweg wel zoveel van tulpen gaan houden. Of is het omdat ze de lente aankondigen. Dat er vrolijkheid in huis komt met tulpen.
Ik was gek op rozen. Echt mijn lievelingsbloemen. Ooit kreeg ik een prachtige bos met rode rozen, het was een huwelijksaanzoek. Een vriendje van vroeger probeerde nog even door te vragen ‘en als ik nou een grotere bos rozen koop?" Het leek me geen goed plan. Maar de rozen verwelkten. Ze schoten geen wortel en de liefde ging voorbij. En zoals dat gaat, kwam er een nieuw vriendje en de dag kwam dat ik jarig was. Het vriendje van vroeger was er ook. De mannen gaven elkaar een hand en mijn nieuwe vriendje zei simpel maar duidelijk ‘Weet dat mijn bos rozen altijd groter zal zijn’. Het was zeker 15 jaar later dat ik het vriendje van vroeger pas weer zag.
Rozen zijn heel anders dan tulpen. Ik heb ook nooit begrepen dat mijn vader het verschil niet kon zien. Ze hebben beide een speciale uitstraling, dat wel. Rozen worden al sinds duizenden jaren geteeld om hun schoonheid. In de oudheid gebeurde dat in China en Afrika, door de Grieken, Romeinen en Egyptenaren. Voor de vroege Christenen symboliseerde de roos de vijf wonden van Christus. Later werd de roos het symbool van de martelaren en werd zij een attribuut van Maria, de moeder van Christus. De kleur is bij rozen belangrijk. De rode roos staat voor ‘Ik hou van je’, voor liefde en respect. De witte roos symboliseert vertrouwen. De combinatie van wit en rood staat voor de wens om altijd samen te zijn. Roze staat voor heimelijke liefde en geel voor intieme vriendschap en verbondenheid.
Maar pas op. Als je het goed wil doen is het net zo van belang of de roos in knop staat of in volle bloei. Want staat de net geopende gele roos voor de vraag of de ontvanger nog van je houdt, in volle bloei staat het voor jaloezie of verlangen iemand terug te krijgen. Al denk ik niet dat als je morgen een boeketje met rozen krijgt van de buurvrouw je daar zoveel achter moet zoeken. En toch is de roos een teer symbool. Kwam een lieve vriend die wist dat ik van rozen hield en naast een kwekerij woonde, lief met een prachtige bos met lange rode rozen aan, keek mijn man toch ietwat ongelukkig en jaloers. De vriend bedoelde er niets anders mee dan dat hij mij graag een plezier wilde doen.
Tulpen zijn een ander verhaal. De tulp komt eigenlijk uit Turkije en werd naar het westen gehaald door een Weense ambassadeur. In 1562 deed een vracht tulpenbollen zijn intrede in Antwerpen. Later werden de bollen door Carolus Clusius geplant in het door hem geleide Hortus botanicus Leiden. De naam tulp komt van het Perzische woord Tulipan wat tulband betekent. De tulp heeft een koude nacht en een koude winter nodig om te kunnen groeien waardoor het Nederlandse klimaat perfect is.
Voor mij symboliseren tulpen de lente, nieuw leven, een nieuw begin. Bij tulpen denk ik aan Nederland, aan nieuw leven, aan het waterige zonnetje dat doorbreekt, de aankondiging naar de zomer en aan ‘dank für Blumen’ met pasen. Aan de prachtige bollenvelden die je zomaar vanaf de weg kunt bewonderen. De prachtige eindeloze strepen met verschillende kleuren. En bij de tulp denk ik voor altijd aan mijn vader.