woensdag 13 februari 2013

Snurkende zweetvoeten

“Het huis van je dromen kun je niet betalen. Daarom is het ook het huis van je dromen” lees ik om mijn flowkalender op het toilet. “Daar zit wat in” denk ik en kijk naar het huis van mijn dromen in het witte fotolijstje dat hangt aan de muur van dat zelfde toilet. Het is niet eens een foto maar een geprint stukje papier. Gezocht op internet, het huis uit de film. Het oud houten strandhuis van mijn dromen.

“Zou het ook zo zijn met mannen? schiet het door mijn hoofd. En dan niet dat ik de man van mijn dromen niet zou kunnen betalen”, want daar mag hij natuurlijk gewoon lekker zelf voor zorgen. Zo geĆ«mancipeerd ben ik namelijk ook weer niet. Ik ben eigenlijk weinig geĆ«mancipeerd. Ik hou van mannen die de deur open houden, mijn stoel aanschuiven in een restaurant en gewoon de vuilnisbak buiten zet op vrijdag, of welke andere dag de moderne gemeente dan ook bedacht heeft. Dan strijk ik met liefde zijn overhemden en haal ik de stofdoek over de kasten en dweil ik de vloer.
Nee ik bedoel meer dat het huis van mijn dromen zo hoog gegrepen is dat het wel altijd het huis van mijn dromen zal blijven. Het is niet realistisch. Alleen al gezien dat het huis in mijn dromen aan zee staat, niet achter de duinen maar echt aan Zee. Mijn droom is een groot houten familiehuis met een strand als voortuin waar het in de zomer net zo rustig is als in de winter. Want het is tenslotte mijn voortuin. En in iemands voortuin ga je niet met je gezin gezellig liggen zonnen compleet met strandlakens, gevulde koelbox en windscherm. Om nog maar niet te praten over de luidruchtig schreeuwende kinderen waarvan vader probeert leuke foto’s te maken terwijl moeder verwoede pogingen doet eindelijk haar boek eens uit te lezen. Zelfs ik kan beseffen dat zo’n huis niet realistisch is.

En daar zit nu dus mijn verwarring. Is het met mannen dan net zo. Is mijn droom man zo onrealistisch. Zijn mijn wensen zo hoog gegrepen dat geen man hier enigszins aan zal kunnen voldoen. “Wat wil ik dan eigenlijk” vraag ik me af. Ik denk aan hem die een naar beeld had door vrouwen op datingsite. Hij vertelde dat hij alleen vrouwen tegen kwam met zulke lange lijsten met eisen , dat het niet gek is dat ze geen relatie hebben. Lang, slank, goede baan (lees vooral een goed salaris aan het einde van de maand), voldoende hobby’s maar niet te veel natuurlijk, leuke vrienden die dan weer niet zijn tijd opslokken, gemanierd, zorgzaam en lief voor de kinderen. Goed gekleed, haren in een soepel warrig kapsel waarbij het lijkt alsof hij net zijn bed uitkomt maar waar hij in werkelijkheid een half uur en een derde pot gel aan besteedt heeft. Altijd vrolijk, oog voor detail, die uit zichzelf mee helpt in het huishouden, haar gevoel begrijpt en een luisterend oor biedt. Die de volgende dag nog steeds weet wat ze gezegd heeft. En dat alles dan in combinatie met een stoere mannelijkheid.  Het grote houten huis aan zee zeg maar en dan ook nog in Nederland.  
“Heb ik dat ook?” vraag ik me af. “Heb ik ook van die achterlijke wensen.” Ik ben geneigd om nee te zeggen. Maar wat wil ik dan, wat moet een man hebben wil ik hem opmerken? Wat moet er zijn wil ik kriebels en vlinders in mijn buik voelen. “Een klik” denk ik. Maar wat is dat dan die klik. Ogen, ik val op ogen. Niet op de kleur, die weet ik vaak later niet eens. Op een twinkeling die ik niet eens kan beschrijven maar het zit in de ogen.

Als ik de volgende dag vol passie mijn vriendin over hem vertel, weet ik dat of mijn wensenlijstje realistisch is of dat ik zo pas de mannenloterij gewonnen heb. Want hij is lief, attent, lang en slank met een mooie lach en twinkelende ogen. Hij kan heerlijk koken en is tegelijk praktisch ingesteld. Steekt kaarsjes en wierook aan en houdt van spelletjes zelf met mijn puberende kinderen. Dwingend verteld hij me de afwas te laten staan om van ons laatste kwartiertje samen te genieten. Als ik weer thuis kom, heeft hij de afwas gewoon even zelf gedaan. Het lijkt niet realistisch en hij lijkt verbazingwekkend veel op mijn droom man.
Mijn vriendin kijkt me even verbaasd en vooral vragend aan. Dan sms’t hij of ik haar wel wil vertellen dat hij zweetvoeten heeft. Als ik het haar vertel biecht ik haar ook meteen maar op dat hij snurkt. En dan weet ik het zeker. Ik heb een lot uit de loterij. De mannenloterij. Ik heb zo pas een aantrekkelijke prijs in de mannenloterij gewonnen. En gelukkig niet de onrealistische ”alleen in je dromen jackpot”.