vrijdag 4 april 2014

Oorlog of vrede?

‘Er heerst een oorlog in mij’ zegt ze en kijkt wazig voor haar uit. ‘En in een oorlog zijn altijd alleen maar verliezers.  Maar ik weet niet wat ik moet doen om het te stoppen. Ik weet het niet. Het lijkt wel alsof alles wat ik had, aangevallen wordt. Ik wil het beschermen maar ik kan het niet. Ik kan niet eens mezelf beschermen zonder dat ik geraakt word.’ Ze kijkt me aan, verdriet en wanhoop in haar ogen. ‘Snap je wat ik bedoel?’ vraagt ze dan. En ik knik.

Ik ken het worstelen maar ik kan niet helpen. Niemand kan haar helpen als zij het niet toe laat. En toelaten betekent dat het pijn gaat doen. Heel erg pijn. Dus doet ze liever zich zelf pijn. Wat zou ik haar graag even vasthouden en zeggen dat alles goed komt. Maar komt het goed? Ik weet het niet omdat zij het bepaalt. Ze bepaalt of ze er met haar hart voor zal gaan of met haar verstand gaat kiezen. Zal ze de pijn toelaten of kiest ze voor de schijnveiligheid. Alleen weet ze zelf niet eens dat ze een keuze heeft.
't zijn niet mijn stappen die de grond zo doen trillen of...'
Ook in mij botst het. Het stormt. Ik kan blind varen op mijn gevoel maar dan in eens is er een  situatie waarbij ik zo aan mezelf twijfel omdat ik iets voel of weet maar dat het zo absurd is dat je het gewoon niet kunt geloven. Vol twijfels en vol vragen waar je eigenlijk gewoon een duidelijk antwoord op wilt hebben. Waar ik een antwoord op wil hebben maar wat onmogelijk is om te krijgen. Want wat de toekomst gaat brengen, weten we niet. Dan is het verwarrend. Ik wil grip krijgen zeker als de wereld om mij heen vervaagt. De vragen en antwoorden tollen door mijn hoofd en even weet ik niet meer of deze antwoorden gewoon komen of dat ik ze wens. Of ik wakker ben of droom. Of het oorlog is of vrede?

Het voordeel van storm is dat het opruimt. Dat de blaadjes van de bomen gerukt worden en ergens anders als mest de grond weer vruchtbaar maken. Even zijn de takken somber en droevig en vooral lijken ze zo kwetsbaar. Maar als ze overleven zullen ze voller bloeien dan ooit te voren.

Mijn storm raast door mij heen. Ik weet niet meer waar mijn twijfel, mijn twijfel is. Waar mijn angst, mijn angst is en even weet ik ook niet meer waar mijn vertrouwen in mijzelf gebleven is. Is mijn twijfel nu mijn of jouw twijfel of lopen onze wegen door elkaar? De angst die ik voel, wiens angst is dat? Mijn grenzen zijn dat eigenlijk wel grenzen. En waar zijn jouw grenzen? Waar ben jij? Mijn rust is verdwenen en ik voel de strijd die woedt. De strijd die niet mijn strijd is maar doordat ik mij zo verbonden voel met de anders alsnog mijn strijd geworden is. De grond trilt onder mijn voeten. Ik wil het wel stoppen maar het zijn niet mijn stappen die de grond zo doen trillen of toch wel? Verbaasd kijk ik om mij heen. Ik adem diep in en sluit mijn ogen. De oorlog maakt alleen slachtoffers. Dus laat het in hemelsnaam vrede zijn met alleen een paar flinke stormen want die overleef ik wel. Laat het maar eens echt stormen en laten alle takken maar eens kaal worden. Laat de boom kwetsbaar zijn maar echt. En laat dan in mei de boom weer gaan bloeien. Gaan bloeien als nooit daarvoor.