Posts tonen met het label voelen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label voelen. Alle posts tonen

vrijdag 12 augustus 2016

Verdriet

Ik zou wel willen lachen 
maar het lukt me even niet. 
Ik voel alleen de pijn 
de pijn van mijn verdriet

maandag 6 april 2015

De spiegel van je ziel

Durven  kunnen  kiezen
zonder
te verliezen
dat kan
alleen je hart

Durven  mogen  voelen
kiezen voor je doelen
zit in het diepste
van je ziel



zondag 6 januari 2013

Het laatste stuk op hakken

“Er zijn van die teksten he….” zegt ze tegen me “die zijn zo verrekte waar. Gewoon dat je er niks aan toe te voegen hebt. En dit, dit is er één” zegt ze. Op de radio schalt de stem van Bart van Racoon. “Je moet er toch niet aan denken he” vult ze nog aan “dat ze hierna geen Nederlandse teksten meer maken. Zoooo jammer. Gelukkig zijn de engelse teksten net zo mooi.

Ik zit op de bank met mijn benen onder me gevouwen en luister stil naar de tekst. “Een oceaan om in te schuilen, nooit alleen meer hoeven zijn. Ik heb gesmeekt niet meer te huilen. Alsjeblieft. Het leven jaagt geen angst meer aan. Ik heb al zo ver moeten kruipen. Het laatste stuk zal ook wel gaan, tot ik ga staan.” Een oceaan…. Ik heb iets met dat water. Met de zee. Was ik gisteren nog tot in tranen geroerd door Trijntje Oosterhuis, denk ik nu “doe inderdaad maar groter”. De zee is mooi maar de oceaan. Daar kun je pas in vluchten. “Een oceaan om in te verzuipen…. Een oceaan vol tranen is van mij …. Alleen van mij..
Verzuipen wil ik. Met mijn hakken aan. Als ik toch grootser aan het denken ben en de controle los laat is de oceaan wel geschikt. Verzuipen in alles. In verdriet, in liefde, in het leven. Helemaal ondergaan en voelen. Echt weer voelen. Niet bang zijn en loslaten of je ooit nog boven zult komen. Want wat kan er gebeuren? Ik heb inderdaad al ver moeten kruipen. Ik ben niet meer bang om te vallen, ik kabbel wel weer omhoog. Met of zonder hakken. Dat laatste stuk zal wel gaan. En dan doen we er toch gewoon wat langer over. Het laatste stuk op hakken.  
Het laatste stuk. Dat klinkt dan weer als een klein eindje. Een “we zijn er bijna” gevoel. Dat zou mooi zijn, maar daar geloof ik dan weer niks van. En als het dat wel zou zijn, bekruipt me tegelijk het gevoel dat ik nog langer wil. Niks klein stuk. Ik wil nog wel wat jaren mee. Het laatste stuk? Volgens mij ben ik nog niet op de helft. Maar misschien heb ik het eerste stuk wel te hard gelopen. Grote stappen, dat deed ik namelijk altijd. Altijd haast. Ik kijk naar mijn hakken. Misschien is dat de truc. Misschien loop ik langzamer op hakken. Misschien wel bewuster, misschien loop ik mezelf dan wel wat minder voorbij. Misschien blijf ik dan wel veel beter overeind. Ik vraag me af het mooie kiezelpad met de bloemen wel te doen is met hakken. Maar ach, wie niet waagt…..

Een oceaan om in te vluchten. Over de berg en de top. Het kiezelpad op hakken. De bloemen steek ik in mijn haar. Liefde om je hart te luchten. Het laatste stuk, op naar de oceaan. Een oceaan alleen van mij. Op hakken zal ik mezelf weer vinden. I have been a way too long and every day I missed you more. You look like you did before, only prettier… Every day I love you more.



maandag 17 september 2012

Het kaarsje dat niet uit mag gaan

“Ik werd bijna boos op hem,” zegt ze verdrietig “maar hij weet natuurlijk helemaal niet waarom die niet uit mocht. En hoe leg je het uit he?” ze kijkt me aan en even is ze stil en staart voor zich uit. “Hoe leg je uit dat je liefde voelt voor een meisje dat je niet kent en nooit zult leren kennen?”
Ik zit naast haar in het parkje buiten en denk na over wat ze zegt. Ik heb er wel eens over gehoord en gelezen, over meisjes of vrouwen die verliefd werden op mannen met wie ze correspondeerden. Meestal gevangenen. Maar dan kun je zeggen dat je verliefd word op de aandacht, op de brieven en meestal op de kans dat jij degene wel kunt helpen, op het rechte pad kunt krijgen. Maar bij haar is het zo anders. Niet te vergelijken met deze verhalen. Haar liefde voelt zo puur.  Ik ken haar niet zo goed. Vandaag raakte we zomaar aan de praat. Over het weer en over de kinderen. Op een of andere manier gaan gesprekken altijd weer over de kinderen.
Dan verteld ze me ineens zomaar uit het niets over haar vriend. “Heeft hij ook kinderen? “ vraag ik. Ze lijkt te aarzelen. “Uh nee, nou ja eigenlijk wel” stamelt ze. “Hij heeft een dochter maar die leeft niet meer, ze is dood geboren”. Ik ben stil. Dan vertelt ze mijn zijn verhaal en hoe dubbel het voelt. “Hij kent haar niet” zegt ze “en toch ook weer wel. Daar worstelt hij erg mee. De hoop en dat hij haar nooit zal leren kennen, nooit zal zien opgroeien. Ik ken haar helemaal niet, zal ook nooit de kans krijgen. Maar zij is wel een deel van hem en ik hou van hem. Dus ook van haar. Ze is altijd onzichtbaar maar wel heel dichtbij. Zo voelt dat”.
“Soms voel ik me zo schuldig” zegt ze dan. Verbaasd kijk ik haar aan. “Als zij er nog was geweest had ik hem misschien nooit leren kennen” legt ze uit. “Dan waren zij nog bij elkaar geweest.” Ik pak haar hand. “Niet doen” zeg ik zacht “het leven gaat zoals het gaat.” “Soms vraag ik in gedachte haar toestemming” zegt ze “dan vraag ik of ze het wel goed vind dat ik nu bij haar papa ben. En dan zoek ik naar een teken”. Er loopt een traan over haar wang. Ik knik en slik “Dat herken ik”, zeg ik dan.
Ze vertelde over hun kennismaking en hoe ze al voor ze zijn verhaal wist een kaarsje liet branden in een hartje en hoe geraakt hij daardoor was. Nu steken ze elke avond een kaarsje voor haar op. Samen of ieder apart, net zoals het uitkomt maar altijd brandt er een kaarsje voor haar. Thuis heeft hij een eigen plekje voor haar waar hij de kaarsjes brand. En ook zij heeft nu een vaste plaats, door hem uitgezocht. Daar brandt ze een kaarsje in een mooi glazen potje met een hartje erop. Van haar mag het lichtje nooit uitgeblazen worden. Dat voelt niet goed. Het liefst houdt ze het dag en nacht brandend.
“Ach, hij wilde helpen” komt ze terug op het voorval. “Hij kon het niet weten want dat het kaarsje voor haar brandt heb ik nooit verteld”. Ze kijkt me aan. Ik ken haar amper maar voel de warmte en liefde die ze uitstraalt. “Het is mooi” zeg ik dan. “Hij weet best dat je niet echt boos bent en hij weet en voelt ook dat je genoeg liefde hebt voor hen allemaal.