donderdag 8 november 2012

Een oma voor je verjaardag

Daar stond ze, midden in de kamer. Een klein dapper vrouwtje. Ze stond half achter mij en keek de kamer rond. “En dit” zei ze parmantig, “dit is mijn nieuwe kleindochter!” “Nou welkom in de familie” zei haar schoondochter hartelijk en iedereen knikte.

Ik werd die dag 18 jaar en ik kende haar van de winkel waar ik werkte. Bijna elke dag kwam ze boodschappen doen. Meestal alleen. Dan was ze druk, druk bezig. Ze kocht altijd maar een paar kleine dingen. Daarom was ze er ook elke dag. Die dag zou ik thuis gaan lunchen. Ik woonde dichtbij en mijn moeder vond het gezellig als ik thuis kwam eten. Ik liep via de personeelsuitgang naar buiten langs de winkel richting huis. Net voorbij de winkel liep zij met haar boodschappen. Ze was een klein vrouwtje maar altijd zo aardig. “Welke kant moet u op” vroeg ik haar. Ze wees in de richting waar ik ook heen moest. “Oh ik moet ook die kant op” zei ik vrolijk, “zal ik uw tas voor u dragen”.  Ze knikte gretig van ja. Onderweg vertelde ze dat ze evenwichtsstoornis had en niet zoveel kon tillen omdat ze soms zomaar duizelig werd. Bij haar voordeur namen we afscheid.
Die dag was de eerste dag van vaker samen naar huis lopen. Als ik pauze had en zij in de winkel was, zei ik dat ze best wat meer mee mocht nemen omdat ik haar tas wel zou dragen. Onderweg vroeg ze dan steevast tig keer of de tas niet te zwaar voor me was. Op een dag moest ik even mee naar binnen om opa gedag te zeggen. Ze wilde graag laten zien wie haar tas voor haar tilde. De kleine wandelingen werden kleine cadeautjes. Voor haar en voor mij. Mijn oma was overleden toen ik 12 jaar was en zij herinnerde me aan mijn oma. Na de keer kennismaken moest ik een keer thee komen drinken. Ik mocht oma en opa zeggen en de kleine bezoekjes waren kleine lichtpuntjes. Ze vroeg naar mijn interesses, naar mijn werk naar mijn hobby’s. Ze zette thee en gaf koekjes. Ze kletste over haar kinderen en kleinkinderen en liet me foto’s zien.  En toen ze vroeg wanneer ik jarig was zei ze blij “echt waar, dan ben ik ook jarig!”.
Het werd november en ze vroeg of ik die zondag, op onze verjaardagen, een kopje thee kwam drinken. “Maar dan is de hele familie er” sputterde ik nog tegen. “Nee hoor” zei ze “kom maar in de middag, de familie komt in de ochtend”.  Maar toen ik daar zondagmiddag precies zoals afgesproken om 14.00 uur voor de deur stond, werd me al snel duidelijk dat leugentjes om bestwil oma niet vreemd waren. Ze maakte zelf de deur open. Nog zie ik me daar staan, net 18 jaar in mijn nieuwe jas. “Kom” zei ze, hing mijn jas op en dirigeerde me naar de huiskamer. En daar zat niet alleen opa maar de hele familie. Alle 4 haar kinderen met hun partners en de kleinkinderen sommige al met vrouw of vriend. Ze ging midden in de kamer staan en introduceerde mij bij de familie. Een lieve familie waar ik me direct welkom voelde.
Oma is lang speciaal geweest voor mij. Elke verjaardag waren er de kinderen, de kleinkinderen en ik. Ze vergat me nooit uit te nodigen. Ik ben de laatste dagen op haar sterfbed nog bij haar geweest. Daarna ging ik trouw een of meerdere keren per week bij opa in het bejaardenhuis op visite. Het was anders toen oma er niet meer was maar door oma had ik een band met opa gekregen. Hij was erbij toen ik trouwde. Vandaag is het 25 jaar geleden dat ze daar vol trots stond en zei: “En dit, dit is mijn nieuwe kleindochter”. Lieve geadopteerde oma, al ben je dan niet meer bij ons, weet je vooral in mijn hart zit.