dinsdag 26 februari 2013

Energielekje

Er zit een lek in het system. Tenminste dat denk ik. Heel langzaam lijkt het weg te vloeien. Het kan ook zijn dat ik de kraan per ongeluk open gedraaid heb, of niet dicht gedaan heb. Het zou zo maar kunnen. De verwarming vergeet ik ook heel vaak terug te draaien.  Niet erg maar zo jammer van de rekening aan het einde van het jaar. Het is te wijten aan jarenlange gewoonte. Een te goed systeem waarbij je vooral niet aan de knop mocht komen. Dag en nacht, zomer en winter, het systeem regelt het zelf. Speciaal bedacht voor blontjes denk ik, of voor extreem luie mensen. Dus ideaal voor de combi van toen.

Maar nu lekt het dus. Vrijdag dacht ik nog dat het lag aan een halve nacht wakker blijven in het ziekenhuis. Koud had ik het in de avond en moe was ik ook. Maar ja, dat was wel te verklaren. De zaterdag daarna viel ik vroeg in slaap. Dus of ik het toen koud had, weet ik niet meer. Zondag was duidelijk een lazy sunnday maar nu is het maandag en is het geen haar beter. Er moet dus een lek zitten in het systeem. Een lek waardoor mijn energie langzaam wegsijpelt.
Maar hoe vind je zo’n lek en hoe maak je het dan. Is het net zoiets als met de band van de fiets van zoonlief. Die was dagen opzoek naar het lek. Meerdere keren heeft hij het gemaakt maar het lek was hem te slim af. Vandaag gaf hij zich gewonnen, tenminste zo lijkt het. Maar morgen is hij het lek te slim af en koopt gewoon een nieuwe binnenband. Onder het motto : ‘Wie niet sterk is moet slim zijn.’ En in die tussentijd heeft hij heel creatief het lek bedwongen met tape. Mijn mond viel wagenwijd open toen hij de optie vertelde. Maar wie ben ik om er iets van te zeggen. Hij heeft het lek bedwongen, en dat kan ik van mezelf nog niet zeggen.
Een heel lijstje met dingen die ik vanavond wilde doen, had ik gemaakt. Van zoeken naar een nieuw telefoonabonnement voor zoonlief en een only simm voor dochterlief tot armbanden maken en nog een verslag afmaken. Tot een kwellende maagpijn vanmiddag de kop op stak. Concentreren lukte niet meer en na een uur gaf ik mij over. Handen in de nek, op mijn knieƫn tegen de muur met als wapen in mijn maag de pijn. Murw geslagen gaf ik mij over en kroop richting bed. Opgerold door de pijn viel ik half in slaap. Op tijd hielp de telefoon mij te herinneren dat er een kind opgehaald moest worden. Mijn geweldig op tijd lopende schema was daarmee om zeep. Het eten moest nog gekookt, het ene kind was naar de ene sport, het andere moest ik ophalen en de hond was nog niet buiten geweest. Blij dat ik was dat ik op tijd met de auto voor kon rijden, kwam van nog even kijken ook niets meer.

Thuis verzamelde ik alle moed en energie en toverde een maaltijd op tafel maar na de afwas was de energie weer verdwenen. Zelfs voor het oefenen van de salsa passen kon  ik de energie niet meer vinden. Kwijt, weggesijpeld toen ik even op zij keek. Niet eens voor een goed doel. En blijkbaar is het goed in verstoppertje spelen of heeft het een sleutel van de voordeur want even daarna was het duidelijk onvindbaar of voorgoed verdwenen. Weg energie. Of het een koffer en een paspoort meegenomen heeft, heb ik niet gezien.
De enige optie was de bank op, benen omhoog waar de kat dan weer dankbaar gebruik van maakte. Te moe om op te staan voor drinken of om naar bed te gaan. Met het laatste kleine reserve beetje probeer ik mijn hersenen aan het denken te zetten (voor zover aanwezig natuurlijk want blont is echt levenslang). Had ik ergens op enig moment een gesis gehoord. Ik ging alle gangen na van de kraan aanzetten en weer dichtdraaien. Maar hoe ik ook de afgelopen week voor de geest probeerde te halen, alleen de knop opendraaien kwam mij bekend voor. Volgens mij heb ik nog een paar keer de extra boost aangezet toen dat nodig was. Ineens herinner ik mij een spreuk. “Zorg dat je niet altijd in de hoogste versnelling staat, anders kun je niet opschakelen als het nodig is”. Nou opgeschakeld had ik wel. En niet te zuinig ook.

Moe maar gerustgesteld sta ik op van de bank en sleep me richting bed. Ik blaas bijna alle kaarsjes uit en draai zelfs de verwarming op laag. Met een schuine blik op de klok zie ik dat het al vanzelf toch weer later is dan ik bedoeld had. Maar gelukkig weet ik waar het energie lek vandaan komt. Ik zet de wekker en besluit de energievoorraad de komende week heel langzaam weer tot een nieuwe reserve op te bouwen. En in het weekend ga ik heerlijk bijtanken en ook weer energie gebruiken. Gewoon energie gebruiken om nog meer energie te krijgen. Moe maar gerust doe ik mijn ogen dicht en val ik in slaap.