Posts tonen met het label kerst. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kerst. Alle posts tonen

dinsdag 15 januari 2013

Help, een ijsbeer op de weg

'Heb je het gehaald, waar je ook naar toe moest vanmorgen?’ verschijnt het berichtje in mijn scherm. ‘Ja joh, echt geen enkel probleem. Was er zo’ antwoord ik dapper. En dat is ook zo. De trap naar beneden was geen enkel probleem. Zelfs zonder dat ik gisteravond gestrooid had. En ook het plaatsnemen aan tafel lukte me prima. Niks files, niks sneeuw, niks voorzichtig. Gewoon aan de slag; want ik werk thuis.

Mijn laptop heb ik naar beneden gehaald. Het boven warm stoken voor een paar uurtjes vind ik zonde en hier kan ik heerlijk naar buiten naar de sneeuw krijgen. Bang dat ik de sneeuwellende niet mee krijg, hoef ik niet te zijn. De radio staat aan en elk kwartier hoor ik dat er op de weg die voor mij het meest vanzelfsprekend zou zijn, nog steeds 23 kilometer file staat en dat is dus echt niet veel. Want ja hoor, ook de rest van Nederland staat gezellig vast. Koffie en chocolademelk mee en je kunt er vast wel wat van maken op de A nog wat. Het winternetwerk event. Gat in de markt.
Zoals altijd is Nederland weer in rep en roer want er is sneeuw. We blijven nou eenmaal een raar volkje. Met kerst willen we allemaal zo graag sneeuw, maar als het dan twee weken later valt, zien we ineens beren op de weg. IJsberen waarschijnlijk. En zoals altijd kopieert de gemiddelde Nederland graag gedrag. In dit geval het gedrag van de ijsbeer die heen en weer loopt en geen meter vooruit komt. Dus staat heel Nederland vast. Dat hoort zo. Dat past bij sneeuw in Nederland. Ga je echter op wintersport, dan rij je in landen als Oostenrijk gewoon lekker door. Daar mag dat namelijk. Daar staan niet de verborgen alleen bij sneeuw zichtbare borden met daarop ‘Pas op! Sneeuw! U dient hier een file te vormen’.

Mijn vriendin vertelde vanmorgen dat zij en sneeuw geen vrienden zijn. Met sneeuw komt ze amper vooruit. Bang om te vallen en in haar geval kan ik me dat heel erg goed voorstellen. ‘Ik denk dat ik maar met de bus boodschappen ga doen’ schrijft ze. Ze is oud genoeg om voor zich zelf te zorgen, maar toch maak ik me ineens zorgen. ‘Laat dochterlief maar boodschappen halen, of maak kliekjesdag’ opper ik. ‘Zet een pot koffie of thee en nestel je op de bank met een boek.’ Ze vindt het wel een optie. ‘Zo worden sneeuw en jij vast wel vrienden’ zeg ik nog ‘en de boodschappen doe je dan op alle dagen dat er geen sneeuw ligt’. Ik weet zeker dat haar gezin dat weinig te kort zal komen hier in Nederland.
Gelukkig is de NS ook al voorbereid. Misschien moeten ze toch eens op werkbezoek in landen als Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland. Lijkt me een fijne investering. Of roepen ze gewoon maar alvast zodat ze gewaarschuwd hebben. ‘We hadden het toch al voorspeld’. Als ik hoor dat minder treinen inzetten, verlaat de logica mij even. Nu ben ik blond (lees blont) dus misschien is dat de verklaring. Ik zou bijna zeggen, zet meer treinen in. Gelukkig krijgen ze er nog wat storingen bij en is het feest weer compleet. Maar, zo lees ik op Nu.nl, volgens de woordvoerder hebben reizigers zich tevoren goed geïnformeerd over de aangepaste dienstregeling en is alles dus oké. Ik vraag me even af of het gaat om het ‘wij kunnen er niets aan doen’ principe of om de reiziger.
In elk geval hebben we op deze mooie witte dag vanmorgen om 8.40 uur al een nieuw record gehaald van 1003 kilometer. En daarmee hebben we 1999 met 985 kilometer toch maar mooi verslagen. De ANWB verwacht dat de ochtendspits naadloos in de avondspits over zal gaan. Kijk naadloos, daar kan de NS dan weer wat van leren. Ik ben blij dat ik lees dat we het record gehaald hebben. Want wat nou als we er net onder hadden gezeten. Dan had ik me nog schuldig moeten voelen over mijn thuiswerkdag.  

woensdag 26 december 2012

Vijftig tinten sneeuw

“Ha ha, niet zo gek he” zegt ze “als iedereen de afgelopen tijd het alleen maar heeft over vijftig tinten grijs….. Ze zijn daar boven gewend dat iedereen normaal zeikt over het weer. Dus ja wat moeten ze anders denken dan. Krijgen we een keer waar wat we vragen is het weer niet goed.” Ik kijk naar buiten en ja hoor inderdaad; vijftig tinten grijze grauwe lucht voor kerst.

Koud is het niet maar voor de gezelligheid heb ik toch de haard maar aangedaan. En tig kaarsen natuurlijk. Zij is het type dat zegt wat ze denkt en stiekem ben ik daar wel eens jaloers op. Gewoon ongegeneerd zeiken op alles en niks en alles wat je denkt eruit gooien. En er nog mee weg komen ook. Af en toe zou ik wel wat meer van haar willen hebben. Het gekke is dat zij dat andersom dan weer heeft. Het principe van als je krullen hebt, wil je steil haar en andersom. Vroeger wilde ik bruine ogen. En eigenlijk zou ik ook wel slanker willen zijn. Maar dan weer niet zo graag dat ik daarvoor drie keer per week naar de sportschool wil gaan en op zo’n naar dieet. Want dat staat dan weer niet op mijn wensenlijstje.

Over wensenlijstjes gesproken. De Kerstman bestaat dus niet. Ik weet het nu zeker. Vanochtend heb ik nog zo onder de boom gekeken, maar die mooie te knappe man van het plaatje kan echt nooit in een van die cadeautjes zitten. Zelfs niet als je de lucht er uit zou laten en hem heel klein zou opvouwen. En volgens mij ligt er ook niets bij wat lijkt op een tegoedbon. Zodat ik hem ergens bij een of andere winkel zou kunnen ophalen. Zodat je het bonnetje kunt vragen om eventueel te ruilen voor als hij toch tegen mocht vallen in het gebruik. Zo jammer. Of zou het komen dat hij gewoon niet heeft mee gekregen dat ik verhuisd ben. De Kerstman dan he. Dat een van die elfen weer gewoon niet heeft nagedacht. Teveel bezig waren met die vijftig tinten grijs.

Overigens is een witte kerst de afgelopen eeuw maar acht keer voorgekomen volgens het KNMI en zij kunnen het weten lijkt me. Die witte kerst is dus ook duidelijk weer zoiets van willen wat er eigenlijk niet in zit. We weten het allemaal en dus willen we het hebben. Duidelijk geval van “het gras is altijd groener bij de buren” maar dan met sneeuw. Valt er dan overigens sneeuw, dan is gelijk iedereen in rep en roer. Dan kan niemand meer de weg op en staat heel Nederland vast. En misschien is dat nou wel waarom iedereen zou verlangt naar een witte kerst. Een ultieme reden om niet naar je schoonouders te hoeven gaan. Dat je gewoon kunt bellen en zeggen “Sorry maar met dit weer…” of  “We vinden het te koud nu hoor voor de kleine, vinden jullie het erg?” Dat je gewoon thuis kunt blijven en restjes kunt opwarmen en die knellende feestjurk met dito bh uit kunt doen. Dat hij zijn stropdas af gooit en er gelijk woest aantrekkelijk uit ziet. Zo aantrekkelijk dat je die jurk niet eens zelf meer uit hoeft te doen.



Maar niks is minder waar. Zag ik een uur gelden nog een klein glimpje van een misschien heel heel misschien nog overwegend wat te doen doorkomend zonnetje….. ondertussen giet het al weer. Even heb ik spijt dat ik niet meteen met de hond naar buiten gegaan ben. En dan besef ik dat ik hier nu zelf aan meegewerkt hebt. Zo met mijn hoofd vol over de vijftig tinten smerig weer dat ik het even vergat. Dus begin ik nu maar vast met vragen. En zo moeilijk kan het toch niet zijn. Als ik iets voor heel Nederland vraag hoeft hij ook geen rekening te houden met verhuisberichten. “Lieve lieve Kerstman mag ik voor volgend jaar vijftig tinten sneeuw voor kerst”. Enne als die man nog op voorraad is…. Mijn adres is.. 


dinsdag 25 december 2012

Eenzame vrouw

“Het is maar een gewone dag hoor” zegt ze “je moet er niet meer van maken dan ’t is”. Dan staat ze op om de theepot te pakken en in te schenken als teken dat het onderwerp afgedaan is. Het voelt niet goed, niet uitgesproken maar de deur is dicht. Kerst is maar een gewone dag. Een ingang om verder te praten is er niet meer.

Ze praat veel maar niet over wat ze zelf denkt of voelt. Zo is ze niet opgevoed. Haar vader was hard in zijn opvoeding en veel keuzes had ze niet. Ze moest naaister worden en als ze dat niet wilde moest me maar naar de sigarenfabriek. Ze was enig kind en meer dan dat ze thuis was, was ze in het huis bij haar oma die een groot gezin draaiende hield. Haar ooms en tantes waren als broers en zussen en haar oma noemde ze moeder. Leren praten over haar gevoel heeft ze nooit geleerd en dus stopt ze dat maar weg. Praten doet ze over anderen, over wat die meemaken. Soms zegt ze hard en wat ze ergens van vindt maar je weet nooit of het wel echt haar mening is of eigenlijk die van een ander.
Vragen hoe het met je gaat doet ze niet, tenminste niet aan jou zelf. Hooguit via via. Als je ziek bent of het moeilijk hebt, is dat moeilijk voor haar en dus praat ze er maar niet over.  Het is altijd druk bij haar. Velen komen en gaan. Voor vreemden heeft ze altijd een luisterend oor. Dat is makkelijker, dan hoef je niet bij je eigen gevoel te komen. Dat raakt je niet. Als ik een paar weken later vraag wat ze met oud en nieuw doet krijg een soort gelijk antwoord. “Oh dat dat zie ik nog wel, misschien ga ik wel gewoon vroeg naar bed”. Uitnodigingen wimpelt ze keer op keer af en dus vraag ik het niet meer. Ze heeft de deur gesloten, niet eens op een kier. De deur is dicht al jaren en ze is niet bereikbaar. Ze is een vrouw met veel mensen om zich heen maar diep van binnen is ze waarschijnlijk heel eenzaam. Ze heeft veel meegemaakt en veel verloren. Ook daar praat ze niet over. Alsof het niet bestaat.
Haar vader was jager en ooit aten ze in de oorlog hazenpeper met kerst. Tenminste dat dacht ze. Ze heeft de volgende dag nog heeft ze gezegd dat ze de hazenpeper lekkerder vond dan het stukje konijn dat op haar bord lag. Later hoorde ze dat ze die eerste dag kat gegeten had. Over haar angst en afkeer van katten is ze nooit meer heen gekomen.
Ik ken haar goed en eigenlijk ook niet. Begrijp haar niet, nog steeds niet. We hebben veel dingen samen gedaan. Ik heb vaak, heel vaak, te vaak geprobeerd om de dingen te doen die ze leuk zou vinden. Maar eigenlijk weet je nooit of ze het echt leuk vind. Ze is een weegschaal en blijft wikken en wegen en waait met alle winden mee. Toch is ze ook een sterke vrouw en misschien is dat wel wat haar leven zo moeilijk maakt. Sterk zijn overheerst, haar gevoel komt niet aan bod. Ik heb haar weinig zien huilen. Schouders eronder en kom op. “Is ze eigenlijk niet gewoon heel eenzaam?” vroeg laatst iemand mij. En ja dat is precies wat het is. In haar hart is ze zo eenzaam maar toegeven zal ze dat nooit.
Vandaag is het eerste kerstdag. Als ik uit praktische overwegingen toch maar even de was op aan het hangen ben, denk ik aan haar woorden van een paar jaar geleden: “Het is maar een gewone dag hoor”. Eenmaal beneden zet ik koffie en doe de broodjes in de oven. Ik wandel met de hond en denk aan haar. Weer thuis pak ik de telefoon. Ik hoor haar stem en met moeite bedwing ik mijn tranen. Dan haal ik adem en zeg: “Fijne kerst mam”.

 

Jouw boek

Gisteren was ik er weer en het liefst was ik er weer heel lang gebleven. Rondsnuffelen in een boekwinkel, zomaar alleen rondsnuffelen. Ik had voor mezelf de smoes verzonnen dat ik nog een paar cadeautjes moest kopen want ik weet dat mijn kostbare tijd daar te snel voorbij vliegt. Daar tussen de boeken staat de tijd altijd even stil.

De ketens zijn leuk maar veel leuker zijn de echte boekwinkels. Daar sta ik dan, in zo’n boekwinkel waarvan er maar één is, die uniek is. Ik slenter langs de boeken en af en toe pak ik er een op om op de achterkant in een notendop de inhoud te lezen. Om zomaar met mijn hand over het boek te gaan, te voelen en te ruiken. Het ruikt heerlijk in boekwinkels. De geur van papier en van inkt. De verschillende kaften, de kleuren, de foto’s. Er heerst een soort van serene stilte in boekwinkels. Anders dan in bibliotheken waar het ook vol staat met boeken, maar waar het anders is. De sfeer is anders. Ik hou van boekwinkels.
Als ik naar al die boeken kijk merk ik ineens dat ik op zoek ben naar jouw boek. Ongemerkt zoeken mijn ogen naar de kaft en de titel. Maar het ligt er niet. Het zou er wel moeten liggen maar het ligt er niet. Dat kan ook niet want jouw boek is nog niet af. Het is nog niet echt een boek in de vorm van pagina’s met een dikke kaft. Je bent nog aan het schrijven maar ik weet nu al dat het er zou moeten liggen. En niet alleen het boek dat nog niet af is. Maar ook de bundel van korte verhalen. Daar heb je geen plannen voor maar het zou er moeten komen. Ik weet ook de titel al en hoe het boek er uit zou zien. Je zou het moeten bundelen en uitgeven. Het zou zoveel mensen kunnen helpen. Je verhalen zijn zo mooi, zo puur. Rauw, teder, gevoelig en gevoelloos. Alles bij elkaar. Het verdient het om daar te liggen. Als erkenning en eerbetoon aan jouw dochter.

Dan zie ik een boekje van Nico Dijkshoorn en weer denk ik aan jou. Als vanzelf pak ik het op en begin te lezen. “Dit wordt gen leuk brief. Ik ga je vriendschap opzeggen” lees ik de eerste zin. Dat slaat zeker niet op jouw. Jouw vriendschap wil ik niet kwijt. Die is nog maar net begonnen en duurt tegelijk al een nieuw leven lang. Ik blader verder door het boek en lees fragmenten. De manier van schrijven raakt me. Dan besluit ik het boek te kopen als kerstcadeautje voor jou. Niet dat ik je zie met kerst maar toch. Je had het laatst over een boek van Dijkshoorn. Niet dit boek maar ook dit boekje moet je lezen. Zo simpel is het. Jouw manier van schrijven lijkt wel op die van Dijkshoorn of die van Dijkshoorn die van jouw. Ik vermoed het eerste want Dijkshoorn was eerder. Zo simpel is het.  Al in de boekwinkel weet ik dat ik het ook wil lezen. De komende dagen zie ik je nog niet dus kan ik het best even doorlezen besluit ik. Dat vindt Nico vast niet erg. Die is niet zo moeilijk volgens mij. Behalve misschien voor zich zelf. Dat wel vermoed ik zo als ik hem zie en zijn verhalen lees. Misschien zit het wel in de naam.
Als ik de boekwinkel uit loop, kijk ik nog een keer achterom. Het moet er komen. Een van de dingen die moeten in het leven. In dit geval in jouw leven. Je moet verder schrijven. Het is jouw droom en het past bij je. Jij hoort te schrijven. Je bent een soort van Dijkshoorn. Lezend Nederland zit op jou te wachten dat weet ik zeker. Zo simpel is dat gewoon. Dat voel ik. En als je dan toch bezig bent. Bundel dan gelijk even je columns aan en over haar. Zoek de mooiste foto voor de omslag en laat de wereld zien wie je bent. Een schrijver, een papa en vooral een geweldig mooi mens.
Merry Christmas lieverd.


 

 

maandag 24 december 2012

Lieve Kerstman,


“Een rugzakje. Wat een onzin “ zegt ze. “Levenservaring, dat is gewoon levenservaring. En wat had je dan gedacht, dat ik 57 geworden ben zonder?” Ze schudt meewarig haar hoofd. “Wat denken ze wel niet”.
We staan in een winkeltje in de stad die ik het meest liefheb. Vaak heb ik er al gelopen, de pleintjes, de terrasjes, de sfeer. Ik kan er gewoon niets aan doen, in mijn hart blijf ik een Brabander en deze stad, ook al kom ik er niet vandaan en heb ik er nooit gewoond, heeft toch wel een speciaal plekje in mijn hart. De vrouw achter de toonbank zit vol energie en straalt het uit. Wat een geweldig mens. Al snel raken we in een gesprek dat veel verder gaat dan de spullen uit haar winkel. Ze is gescheiden en haar kinderen zijn al bijna het huis uit. Eigenlijk komt ze uit het Noorden en dat maakt ons verhaal wel bijzonder. “Ik zit toch niet te wachten op zo’n oude vent” zegt ze. “Ik wil lol hebben, achter de geraniums kan altijd nog”. Ze ziet er jaren jonger uit en ik kan me voorstellen dat de mannen die met haar daten zich het apezuur schrikken als ze horen hoe oud ze is. “En leeftijd maakt toch ook niet uit” zegt ze “wat is nou leeftijd, het gaat er om hoe ik me voel”. En gelijk heeft ze.
Als ik later samen met een vriendin over de markt slenter en bij een kraampje naar een dekbedovertrek staar, vraagt knappe en erg jonge man welke maat ik zoek. Ik stamel dat ik dat dus niet weet. Elke keer neem ik me voor om even te kijken welke ik nou precies hebben moet, maar dat ben ik dan al weer vergeten als ik thuis kom. Dan grijnst hij van oor tot oor en zegt: “dat is toch geen probleem, dan kom ik het wel even opmeten”. Even weet ik niet of ik het goed hoor en kijk hulp zoekend naar mijn vriendin. Ik voel het rood op mijn wangen komen maar zeg nog wel dapper dat dat een goed plan is. Jammer genoeg ben ik dan weer niet zo stoer om heel ad rem mijn telefoonnummer of adres achter te laten.

Ineens, ik weet niet eens waarom, denk ik weer aan haar woorden. “Wat rugzakje, levenservaring!” Maar ik weet niet meer of ik het nog wel aandurf. Mannen met levenservaring. En op mannen zonder zit ik al helemaal niet te wachten. “Ach het is dat ze zo gezellig staan op de bank” zei ik altijd stoer. Maar nu is de bank leeg. Dat is handig hoor en vaak genoeg is de bank gevuld met vrienden en kinderen, daar ligt het dus allemaal niet aan.
Maar dan kijk ik in de meest mooie ogen die ik ooit gezien heb. Mijn adem stokt in mijn keel. De ogen kijken me lachend maar ook een tikkeltje uitdagend aan. Daaronder een prachtig gevormde mond die in een stralende lach prachtige tanden laat zien. Ze kloppen bij elkaar, die mond en die ogen. Zijn hele gezicht lacht mee. De rimpeltjes laten zien dat hij geniet van het leven. Zijn haar is kort en grijzend aan de slapen. “Met jou zou ik wel een beschuitje willen eten” zegt iets in mij. “Of een wijntje willen drinken, langs het strand willen wandelen en je uren diep in je ogen willen kijken” Het stemmetje in mijn hoofd die opsomt wat ik nog wel allemaal meer zou willen, roep ik snel tot een halt. Hij ziet er uit als een filmster. Ik kan me bijna niet voorstellen dat deze man gewoon hier in Nederland rond loopt. Maar dan fluistert het duiveltje “dat weet je ook helemaal niet” en met een dreun kom ik weer met twee benen op de grond terecht. Nee, dat weet ik inderdaad niet. Want ik kijk in de ogen van een foto. En dat is maar goed ook. Want even ben ik al mijn tekst kwijt. Zou het dan toch kunnen…. “ Lieve Kerstman, mag ik deze man van u voor kerst?

 

zondag 23 december 2012

Kerstkaart in mei


De boom, de lichtjes
kaarsjes, de ster
en een kaartje voor kerst
van dichtbij of van ver

Maar waarom eigenlijk
alleen rond deze tijd
want lieve gelukwensen
wil je toch altijd wel kwijt

Waarom alleen met kerst
een kaartje voor een vriend
die het eigenlijk wel vaker
dan één keer per jaar verdient

Dus zullen we afspreken
dat 2013 twaalf maanden duurt
en dat jij niet alleen in december
je vrienden een kaartje stuurt

Dat jij je vrienden,
degene van wie je meer of minder houdt
ook in andere maanden
zomaar een kaartje toevertrouwd

Want dan pas laat je zien
dat niet gaat om de trend
maar dat je degene waardeert
omdat je hem echt kent

vrijdag 21 december 2012

Donkere dagen voor kerst

Ze zit aan tafel met een breiwerkje. Alleen aan tafel. Vorig jaar zat hij nog tegenover haar. Maar hij is een paar maanden geleden overleden. Ze mist hem. Elke dag. Maar deze dagen nog maar dan anders.

De kerstboom heeft ze wel opgezet. Maar lol had ze er niet in. Ze miste het gemopper van hem over de lichtjes. Nu deed ze de lichtjes zelf in de boom en ook de ballen, de pegels en de engeltjes. Bij elk engeltje moest ze aan hem denken. Elk jaar kocht hij een nieuw engeltje voor haar. Hoe dat ooit begonnen was wist ze niet meer. Als vanzelf was het een traditie geworden. De avond voor kerst als ze terugkwamen van de nachtmis gaf hij haar een zoen en een klein pakketje met daarin een engeltje. Omdat je mijn engeltje bent zei hij dan. Nu pinkt ze haar tranen weg. Het is bijna kerstavond.
Zo’n honderd kilometer verderop zit een man. Hij houdt niet van kerst. Al jaren niet meer. Vorig jaar was kerst verschrikkelijk maar toen was hij nog niet alleen. Tenminste niet echt. Diep in zijn hart misschien wel. Hij had iets gedaan wat niet kon. Wat men afkeurt. Maar dingen doe je niet zomaar. Hij was niet gelukkig, het leven bracht niet wat hij zo vurig wenste en eigenlijk moest er iets gebeuren. Maar hij worstelde met zijn geweten, zijn verlangen, zijn eigen ik. De wens bleef.  En even leek het nieuwe jaar het hem te brengen. Maar nu is het weer bijna kerst. Er lijkt een leven voorbij te zijn gegaan in dat jaar. Opnieuw is hij alleen. Nu echt alleen, hij heeft veel verloren. Maar misschien wel niet zo alleen als een jaar geleden.
Heel veel kilometers verder loopt een meisje met een baby in haar armen. Aan haar hand loopt een klein jongetje. Er is geen kerst. Geen kerstgevoel. Er is oorlog en de vader van haar kinderen is weg. Ze weet niet eens of hij nog leeft. Eten heeft ze nauwelijks. Het jongetje knijpt zijn kleine handje nog vaster in die van haar. Hij is haar houvast. Zijn grote ogen kijken bang de wereld in maar als hij haar aankijkt lacht hij vol vertrouwen. Uit haar zakken pakt ze een soort van koek en geeft het hem. Ze weet niet wanneer ze weer eten zal hebben maar ze houdt van hem. Hij en de baby zijn alles wat ze nog heeft.
Oorlog stopt niet met kerst. Honger, pijn en verdriet ook niet. Ze zijn hooguit nog schrijnender rond deze dagen. De winkels glitteren en glimmen van geluk. Zoveel geluk dat je er bang voor wordt. De posters in bushokjes stralen ook al zo net als de reclames op tv. Ze laten je bijna geloven dat je geluk kunt kopen. Dat alles goed en fijn is in december. Maar het aantal vermissingen en zelfmoord is het hoogst in december. De donkere dagen laten ze de mensen die verloren hebben, hun verlies nog harder voelen. Velen zitten alleen. De december maand is de maand van familiegeluk maar wat als je dat niet hebt?

De vrouw gaat naar haar zoon de eerste kerstdag en de tweede dag naar haar dochter. Maar het gemis blijft en niemand weet hoe ze op ziet tegen kerstavond. De eerste avond zonder een nieuw engeltje. De man gaat naar zijn familie maar kijkt waarschijnlijk vaak op zijn telefoon naar de foto naar zijn engeltje dat altijd bij hem is. En het meisje…. Het meisje weet niet van kerst maar drukt haar engeltjes dicht tegen zich aan en slaat haar ogen naar de hemel en bid dat er morgen weer eten is.

woensdag 5 september 2012

Rituelen en tradities

Woensdag gehaktdag, is volgens mij niet meer? Lees ik op Facebook. “Net zo ouderwets als maandag wasdag!!!”, is het commentaar. Tradities, ik heb er toch wel iets mee. Het geeft rust. Straalt vertrouwen uit. En dat kunnen we af en toe best gebruiken in de deze snelle wereld.
“Ik hou wel van tradities maar gehaktdag.... ik introduceer bij deze de Woensdag Wrapdag!” antwoord ik. Ik kom net thuis van een netwerkbijeenkomst. Ook een soort nieuwe traditie. Elke week komen we als groep ondernemers bij elkaar om samen te ontbijten. Onze bedrijven nog eens onder de aandacht te brengen, te vertellen waarnaar we op zoek zijn en te kijken wat we voor elkaar kunnen betekenen”. De mens is een kuddedier zoals ik al eerder schreef in “het zwarte schaap” en dus voel ook ik me wel prettig in deze nieuwe kudde.
Twee weken geleden hield dit onderwerp me ook al bezig. Vroeg in de ochtend stond ik daar, bij de slagboom aan het begin van de camping waar ik met de kids voor 2 weken was gehuisvest. Ik keek hem na. Zo lang mogelijk en toen was ik de auto kwijt. Ik keek naar links, rechts, maar mijn ogen konden niets bewegend meer vinden daar op de dijk. Ik stopte mijn handen in mijn zakken, het was nog koud, hopend dat het zonnetje de boel zo zou komen verwarmen. In gedachte liep ik terug naar mijn tijdelijke thuis. Gek, bedacht ik me toen, hoe snel iets went. Het ritueel van uitzwaaien en teruglopen voelt als zo gewoon. De dag daarvoor na het boodschappen doen hoorde ik mezelf tegen mijn oudste zoon zeggen “Kom we gaan naar huis”. Krap anderhalve week waren we daar in die plaats op die camping. “Thuis”, ik moest er zelf om lachen. Anderhalve week en toen al waren een aantal activiteiten gewoonte geworden, een soort rituelen.
De dag dat we naar huis gingen kwam er een wat ouder stel naast ons staan. Toen ik ze gedag zei vertelde de man mij dat ze elk jaar daar op de camping kwamen en elk jaar rond de zelfde tijd en altijd vijf weken. “Tja dat is zo de traditie” zei hij. Ik bedacht me nog dat ik er niet aan zou moeten denken, elk jaar naar dezelfde camping. Maar elk jaar met kerst de grote gevulde kalkoen verveeld me eigenlijk nooit. Waarom vroeg ik me af. Waarom wil ik bij het een steeds wat anders en val ik bij het ander terug op altijd het geijkte, het zelfde. En misschien is dat het wel. We willen en moeten te veel in deze tijd. Steeds maar wat anders en soms, soms hebben we dan gewoon behoefte aan oud en vertrouwd. Even niet nadenken, weten wat er komen gaat. Rust.
De mens in zijn algemeenheid is gek op tradities en rituelen. En niet alleen in andere landen ook wij in Nederland hangen aan elkaar van de rituelen en tradities. We beseffen het alleen niet altijd. Ze geven je houvast, rust en vertrouwen. Koffie drinken op zondag bij je ouders, of het biertje bij de vrijdagmiddagborrel. De jaarlijkse familiedag, het sinterklaasfeest of vuurwerk en champagne en oliebollen om het nieuwe jaar in te luiden. Je weet wat er gaat komen, je hoeft er niet over na te denken en kunt dus loslaten. Ze zijn er ook in alle soorten en maten. Kinderen gedijen goed bij rituelen. Niet voor niets willen ze graag steeds hetzelfde boekje lezen, dezelfde film kijken. Teletubbies werd er groot mee “En nog een keertje…….” hoorde ik dan roepen en ja hoor daar kwam gewoon hetzelfde filmpje nog een keer voorbij. Maar ook het slaapritueel. Al vanaf baby slapen ze het best als ze weten wat er komt. En of het nou een boekje voorlezen is, een liedje zingen, de dag doornemen of samen tandenpoetsen….. het is de volgorde waarin de dingen gebeuren en wat er gebeuren gaat. Een vast patroon een ritueel. Niet voor niets hadden onze voorouders de drie R’s hoog in het vaandel. Reinheid, RUST en REGELMAAT.
“De functie van een traditie is het in stand houden van de maatschappelijke stabiliteit” lees ik. “En hoewel tradities statisch kunnen lijken, veranderen en vernieuwen ze voortdurend”. En dat is maar goed ook bedenk ik me. Want maandag wasdag zou niet meer opgaan in mijn gezin met pubers, maar een beetje vastigheid kunnen ze in deze leeftijdsfase best gebruiken. Daarom introduceer ik vanavond de Woensdag Wrapdag en bespreek ik gelijk ook even of de Donderdag Kidskookdag er ook bij kan. Ik hou wel van tradities en rituelen denk ik lachend. En zeker die laatste; de Donderdag Kidskookdag, lijkt me een pracht van een nieuwe traditie en prima uiting van RUST, althans voor mij dan.