Posts tonen met het label muziek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label muziek. Alle posts tonen

donderdag 11 februari 2016

Gouden randje

De zon schijnt
een gouden randje 
om een wolk
Dauw over velden
Schaapjes in de wei
Muziek klinkt
en ik voel me vrij

maandag 11 januari 2016

Offline

De dood brengt soms iemand 
nog meer tot leven
Omdat een ieder zich 
ineens bedenkt wat hij 
allemaal heeft gegeven


zaterdag 6 juli 2013

Zon, zee, strand en muziek

Hij draait zijn oor naar haar toe maar zij doet niets en wacht. Dan als hij terugdraait zoent ze hem. Zijn ogen beginnen te stralen. Dan kijkt ze naar hem op en zegt: ‘ik heb je nog nooit in de regen gezoend’. ‘Alles moet een eerste keer zijn’ is zijn commentaar en spontaan zoent ze hem nog eens.

Door en door nat staan ze daar in de menigte. Ze staan iets voor mij. Het regent niet hard maar wel lang. Zo’n iets meer dan miezerige regen die er voor zorgt dat je langzaamaan door en door nat wordt. Ze dacht goed warm aangekleed te zijn, veel laagjes en een winddicht jack. Daaroverheen nog een hel blauw regenjasje. Smurfin had hij haar genoemd waardoor zij vond dat hij dan grote smurf moest zijn met zijn rode regencape. Zijn jack onder de cape blijkt nu niet zo waterdicht, net zo als haar blauwe regenjasje. Daar komt nog bij dat het water precies van het jack op haar broek loopt die nu helemaal door een door nat is. Ook de capuchon laat meer water door dan er vanaf loopt en dat wat er vanaf loopt, sijpelt weer precies het jasje in, in plaats van er af. De druppels vinden hun weg over haar rug naar beneden. Maar ach zelfs dat alles mag de pret niet drukken. Verliefd kijkt ze hem aan en hij voelt de zon vanavond schijnen.
De volgende middag is het druk. Nog drukker dan de avond ervoor. Maar nu schijnt dan ook de zon. Ineens is het zomer daar in Zeeland. De muziek, de zon, het strand, de zee; iedereen is vrolijk. Witte tenten, zand en palmbomen en zo’n 40 .000 blije vrolijke mensen die rondlopen, zingen, dansen, zitten, eten en drinken maar vooral intens genieten. Ineens zie ik ze weer, nu zonder regencape of jas. Haar armen zijn om zijn nek geslagen en ze dansen op de klanken van een lied van Guus. De wereld lijkt op te houden en tegelijk te beginnen, alleen zij tweeën. Links naast haar dansen drie mannen uitbundig en aan de andere kant kijkt een serieuze man half jaloers naar het tafereel. Zijn vrouw is niet in beweging te krijgen en kijkt zuur voor zich uit. Hij neemt nog maar een slok van zijn bier en laat zijn fantasie over aan de zon en de muziek.
Een uur of twee later zit ik op een gekleurd kleed tegen de dijk en kijk uit over het terrein. Duizenden mensen bewegen voor mijn ogen. Ik laat de woorden van alle gespreken om mij heen binnen komen en weer gaan. De muziek dreunt een heerlijk ritme en de woorden vervagen. Gefluit, gelach. Meeuwen vliegen boven mijn hoofd. De wind verkoelt mijn armen en de zon verwarmt mijn hoofd dat in een prettige roes van een groot verkoelend glas bier verkeerd. Verderop ziet een man een vrouw, herkent haar en omhelst haar uitbundig en stevig. Dan houdt hij haar op armlengte afstand. Kijkt nog eens goed naar haar en knuffelt haar dan nog een keer. Voor mij zitten vier vrouwen die duidelijk bij elkaar horen. Ze dragen een roze shirtje met ‘subgroep rocks’ en daaronder vier namen. Twee van hen staan op en kondigen aan dat ze wat te drinken gaan halen. Een ervan is Emmie en ik gok naar de naam van de ander maar of het klopt zal ik nooit weten. Over een paar uur komt Racoon en daarna Blof. Ik kom voor Blof en voor Guus natuurlijk. Mijn Brabantse bloed kruipt waar het niet gaan kan en dus ben ik levenslange fan van Guus. Maar nu zijn we in Zeeland en dus verlang ik de woorden van Blof die me altijd aan het denken zetten.
Zon, zee, strand en muziek. Naast mij ligt mijn lief met zijn ogen dicht. De zon kleurt zijn voorhoofd dat waarschijnlijk straks een kleur bruin zal vertonen die mij licht jaloers maakt en trots tegelijk. Om mij heen dansen menen. Grote, kleine, dikke, dunne mensen met blonde, bruine of zwarte haren. De een met laarzen aan en de ander op slippers. Ik hoor allerlei accenten door elkaar uit alle windstreken met een boventoon van Zeeuws.
Dan trekt een man in pantalon en overhemd mijn aandacht. Rustig loopt hij verder. Het lijkt bijna misplaatst en toch gewoon tegelijk. Zoveel mensen, zoveel geluid en toch…. Ik kom hier tot rust. Ik geniet van de zon en de omgeving. Life is good. Ik tel de uren tot Blof als sluitstuk de mensenmassa tot gekte zal krijgen en tegelijk stel ik het uit. Ik zuig elke minuut op. Dan ga ik liggen en staar naar de lucht. Wat een sfeer hier. Dank je wel schat dat je mij hier mee naar toe nam. Want eindelijk na zoveel jaar ben ik dan eindelijk hier. Ik ben hier en geniet. En plan alvast in mijn hoofd voor volgend jaar.  

zondag 4 november 2012

Stil

Ineens is het stil. Zo verdomd stil. Het is niet erg en ook weer wel. Alleen, zo verdomd alleen. Lekker alleen. Vooral alleen en zo stil. Dan komen de tranen.

Als ik weer binnenkom voelt het leeg. Stil en leeg. Dat is het niet maar het voelt zo. In mijn hoofd zit een lijstje met plannen met wat ik vandaag allemaal kan doen. Moet doen of wil doen. De volgorde weet ik nog niet. Ook niet wat er valt in moeten, kunnen of willen. Het is alleen nog maar een lijstje. Als ik mijn jas uit heb en mijn laarzen in de hal staan, voelt het weer meer thuis zijn. Automatisch begin ik met koffiezetten maar als ik merk dat de kan nog boven staat laat ik het bij koffie in een filter. Het maakt niet uit. De rest komt later wel.

Ik ben van eerst de dingen doen die ik niet leuk vind en dan mag ik… Dus pak ik de stofzuiger en begin met de keuken. Als dat klaar is sleep ik het ding naar boven en maar daar blijft het bij. Ik beland achter de computer. Honderd en een dingen gaan door mijn hoofd. Woorden ideeën, hele verhalen om te schrijven maar ze komen niet op papier. Op zoek naar een naam blijf ik hangen. Hangen in whats app, twitter en facebook. Ik lees oude gedichten in een boekje uit de boekenkast. Dan zie ik een soort dagboek aan de andere kant in het boekje. Ik ben gek op mooie schriften, in alle soorten kleuren en dessins en met zo’n mooie harde kaft en benut ze het liefst aan twee kanten tegelijk. Ik lees een dagboek van mezelf van een een behoorlijke tijd geleden. Dingen vallen op hun plaats. Ik scheur de bladzijdes eruit. Uit het boekje, uit mijn leven.
Als ik het beschreven papier weggooi, kom ik als vanzelf weer in actie. De prullenbak is vol en ik leeg hem. Ik vul een emmer met water en heerlijk geurend schoonmaakmiddel en pak doekjes. Boven kom ik niet verder dan een vaas en een lantaarn verplaatsen. Dan beland ik als vanzelf weer achter mijn bureau om muziek aan te zetten. Ik herinner me een liedje van Blof vanochtend in de auto en probeer het te zoeken. Ik zie het niet en klik alvast een ander nummer aan. Dan val ik stil. De lijst met nog te doen is lang. Te lang. Maar er komt niets uit mijn handen. Het is stil. De poes duwt haar kop tegen me aan. En ik huil en weet niet waarom. De stilte is mooi en tegelijk zo leeg.
We hebben het nodig. Allemaal, allebei, ik, de leegte en de stilte. De herinnering is mooi. Het was een heerlijke dag gisteren. Vol mooie momenten en vol ook met rust en stilte. Precies in evenwicht. Van niets doen en hard werken. Ontspannend hard werken. Van genieten en praten en genieten van de stilte. Van lopen in de regen en zoeken naar niets in bijzondere winkeltjes. Van zitten op een terras. Van geen tijd. Te vroeg aan het bier. Van ineens meer tijd dan we dachten. Van vuur in de keuken en samen koken. Van overal kaarsjes en proeven van zelfgemaakte pasta. Van film kijken en in slaap vallen. Het gevoel, de geur. Ik sluit ze in mijn hart alsof ik ze in een mooi versierd doosje stop. Dicht maar wel zo dat ik vaak kan kijken.
Dan komen de woorden, de zinnen, de spaties. Vooral de spaties, ruimte van rust tussen de woorden. De kleine stiltes. De kleine lege niks moet momenten. Terug naar je zelf. Rust in je zelf. Ik laat het lijstje los en beslis dat vandaag niets hoeft. Alles op het lijstje gaat naar de kolom “misschien” of “morgen”. Als ik klaar ben met schrijven zit ik nog even stil. Stil met mijn ogen dicht in een stil huis. Vaag hoor ik buiten de geluiden maar ik laat ze buiten. Ik geniet van het hier en nu. Van het niets, het alleen zijn en de stilte in mij.
Na een paar minuten voelt het hetzelfde en toch anders. Nog steeds is het stil. Zo verdomd stil. Het is niet erg. Alleen, lekker alleen. Vooral alleen en zo stil. Ik voel de rust in mij. En toch hoe fijn het ook is en hoe goed het ook is. Ik ben niet compleet. Een klein stukje van mij is op afstand. Dichtbij en ook ver weg. Het vertrouwen groeit. In ons, maar vooral in mij. Het is goed zo. Voor nu is het   goed zo. We hebben het nodig, de stilte de rust. Ik heb het nodig. Nodig om de tranen te laten komen en te beseffen dat ik geniet. Eindelijk weer echt kan genieten.

zondag 16 september 2012

Lebensraum

“Toneel, mime, dans, illusionisme, acrobatiek en muziek “lees ik. Ik heb even nog geen beeld erbij. “Ik ga het zien” dacht ik. De insteek was meer een gezellig avond met haar. We hebben al een tijdje contact, dan over het een dan over het ander. En vorige week besloten we maar eens een wijntje te gaan drinken samen.
We zitten in het theatercafé en drinken een glas witte wijn en praten over alles wat ons zo dagelijks bezig houdt. “Ken je het?” vraagt ze. “Nee” zeg ik, “wel even gekeken maar ik heb niet echt een beeld”. Dan vertel ik dat ik met een vriendin vaker kleinere voorstellingen boek omdat die vaak verrassend goed zijn. Ik vind het leuk om verrast te worden met voor mij nog onbekende in het theater.
Als het doek op gaat zie ik een soort ouderwets huiskamer in jarentachtig bruin. Dit was totaal niet wat ik verwacht had toen ik op de site zijn achtergrond las. Twee mannen liggen in bed en worden wakker. In een blijkbaar vast ritueel staan ze op, maken het bed op en veranderen die in een kast. Mijn verbazing en daarmee interesse beginnen nog meer te groeien. Terwijl de twee als een goed geoliede machine op wonderbaarlijke wijze het ontbijt klaarmaken, denk ik meermaals “zou dat bij mij thuis ook mogelijk zijn?” Dan zie ik tegen de wand iets bewegen en beginnen twee andere mannen die geheel opgingen in het decor, de boel op prettige wijze muzikaal te omlijsten.
Even denk ik aan Jochem Myjer en de sketch waarin hij niet naar bed wil en waarbij hij onzichtbaar in een pyjama in de kleur van de bank nog even wat tijd denkt te rekken. Zou dat de inspiratie geweest zijn voor de geweldige “behangpakken” van de muzikanten? Dan verschijnt er een pop op het toneel en zoals het hoort behoort de rust en regelmaat van de mannen geheel tot de verleden tijd. Terwijl ik gedurende het stuk van de ene verbazing in de andere val, het uitschater en me afvraag hoe je dit kunt bedenken en nog meer hoe je dit aan iemand kunt uitleggen, ben ik nog het meest gefascineerd door de spierbeheersing van deze dame en heren. Samen met een onfeilbare mimiek maken ze dit theater tot een waar schouwspel. Pure kunst.
Vandaag lees ik op de site “Met trots delen we mee dat gisteren tijdens het Gala van het Nederlands Theater Jakop Ahlbom de VSCD Mime prijs heeft ontvangen voor de voorstelling Lebensraum”. Ik denk: “helemaal terecht!”